DG-netwerk: Europese samenwerking op het vlak van voorbereiding en weerbaarheid bij crisissen
Op vrijdag 12 september 2025 kwam het Netwerk van Directeurs-Generaal van Europese crisiscentra bijeen in Kopenhagen, Denemarken, in het kader van het Deense voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie. Het Nationaal Crisiscentrum organiseerde de bijeenkomst samen met zijn Deense tegenhangers van het Deense Agentschap voor Weerbaarheid.
De keuze om de bijeenkomsten van het Netwerk te laten plaatsvinden in het land dat het EU-voorzitterschap bekleedt, onderstreept het belang van het versterken van de banden tussen de EU en nationale crisisstructuren, ter ondersteuning van gezamenlijke inspanningen op het vlak van crisisbeheer.
23 EU-lidstaten, evenals Noorwegen, IJsland, Zwitserland, Moldavië en diverse Europese instellingen en organisaties waren aanwezig. Samen bespraken de deelnemers onderwerpen zoals strategische toekomstverkenning en anticipatie, de EU Preparedness Strategy, maar ook consulaire crisisbeheersing, samenwerkingen tussen publieke en private sectoren, en grootschalige oefeningen. De aanwezigheid van een groot aantal lidstaten toont opnieuw de bereidheid om nauwer samen te werken aan een sterker Europees crisisbeheer.
“Wanneer een crisis zich voordoet, beschikken we over uitstekende technische oplossingen en goed uitgewerkte processen, maar het zijn de mensen die het verschil maken: dat is de kracht van het netwerk.” Jack Hamande, Directeur-Generaal van het Nationaal CrisiscentrumRisicoanalyse en strategische toekomstverkenning
De dag startte met een focus op risicoanalyse en strategische toekomstverkenning. Denemarken presenteerde onder andere zijn nationale risicoanalyse en de gebruikte methodologie.
Ook internationale organisaties waren aanwezig. Zo presenteerde de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) haar recente rapport, getiteld "Managing Emerging Critical Risks", en nodigde de participanten uit te reflecteren over hoe toekomstgerichte informatie en risicodata systematischer kunnen worden geïntegreerd in crisisbeheerpraktijken, en hoe de EU gezamenlijk kan evolueren naar een versatiel en toekomstgerichte crisisbeheersingscapaciteit.
Het Deense voorzitterschap opende een dialoog over hoe een versterkte risicobeoordeling op EU-niveau de voorbereiding van de lidstaten kan ondersteunen. Vervolgens gaf de Commissie het Netwerk een stand van zaken over de voortgang van de verschillende acties die zijn geïdentificeerd in de "EU Preparedness Strategy", met bijzondere aandacht voor hun intenties rond de oprichting van een crisiscentrum (crisis coordination hub) op EU-niveau, en de afstemming met bestaande structuren en mechanismen.
Delen van goede praktijken
In de namiddag lag de nadruk op het delen van goede praktijken.
Het Deense ministerie van Buitenlandse Zaken presenteerde eerst aan het Netwerk een andere invalshoek op crisisbeheer, namelijk de aanpak van consulaire crises.
Daarna nam het multinationale bedrijf DHL het woord om te spreken over samenwerkingen tussen de publieke en private sector. Het is duidelijke dat dergelijke samenwerkingen steeds nuttiger zijn, en het belang ervan wordt ook benadrukt in de "EU Preparedness Strategy".
Moldavië, dat onlangs een crisiscentrum heeft opgericht, werd door het Netwerk uitgenodigd om hun nieuwe crisisbeheersingsstructuren te presenteren.
Tot slot presenteerde Roemenië, dat in juni 2025 een grootschalige oefening uitvoerde, SEISM25, haar bevindingen over de uitdagingen bij het organiseren van een oefening van dergelijke omvang, en de lessen die daaruit zijn getrokken.
De bijeenkomst was een uitstekende gelegenheid om goede praktijken te ontdekken, successen in de kijker te zetten en samen na te denken over de meerwaarde van Europese samenwerking op het vlak van voorbereiding en weerbaarheid bij crisissen.
DG-netwerk
Het Netwerk van Directeurs-Generaal van Europese crisiscentra, dat in 2018 is opgericht op initiatief van het Belgische Nationaal Crisiscentrum en wordt ondersteund door het Secretariaat-Generaal van de Benelux, heeft als doel de coördinatie tussen de nationale crisiscentra te ontwikkelen, wederzijds geïnformeerd te zijn over de uitdagingen waarmee de verschillende crisiscentra worden geconfronteerd, de bestaande expertise en ervaringen te delen en elkaar tegelijkertijd te ondersteunen bij de uitvoering van gemeenschappelijke oplossingen op nationaal niveau.