Nationale coördinatiehub voor logistieke steun in het kader van de COVID-19 crisis

Eind oktober 2020 heeft het Nationaal Crisiscentrum (NCCN) gevraagd om de Nationale Logistieke Hub voor Discipline 4 (D4-NatLogHub) op te starten. Dat is een samenwerking tussen de Civiele Bescherming, Defensie en de Brandweernetwerken, ondersteund door het NCCN. De doelstelling van deze coördinatiestructuur vormt het versterken en het stroomlijnen van de nationale coördinatie van de diverse logistieke (niet-medische) behoeften in het kader van de COVID-19-crisis.

Tijdens de eerste besmettingsgolf organiseerden de « Task Force Shortages » en het Coördinatiebureau onder leiding van Defensie de aanlevering van beschermingsmiddelen, medische apparatuur en handgel. Omdat deze organisaties ondertussen hun werkzaamheden hadden stopgezet, werd het initiatief genomen tot bredere coördinatie tussen de betrokken interventiediensten en actoren.

De D4-NatLogHub ressorteert onder de federale beheerscel « COFECO », dat de uitvoering van de strategische beleidsbeslissingen voorbereidt en coördineert om de crisis het hoofd te bieden. De mogelijkheid tot monodisciplinaire coördinatie voor logistiek past in de regelgeving inzake noodplanning, crisisbeheer en civiele veiligheid, maar het is de eerste keer dat deze wordt opgericht op nationaal niveau.

De nood aan deze nationale coördinatie werd meer en meer duidelijk omdat de logistieke behoeften in het kader van de tweede besmettingsgolf meer divers, geografisch gespreid en van langere duur waren, en vermoedelijk ook nog een tijdje zullen aanhouden. Ziekenhuizen, woonzorgcentra en andere (semi-)residentiële zorg, alsook interventiediensten en andere essentiële sectoren en beroepen, zijn genoodzaakt het beschikbare personeel meer gericht in te zetten voor de eigenlijke kernopdrachten. Door bepaalde taken over te laten aan andere diensten, kunnen zij de continuïteit van hun dienst- en hulpverlening aan de burger beter verzekeren in de huidige moeilijke omstandigheden. Het aanleveren en opstellen van bijkomende infrastructuur en uitrusting (bijvoorbeeld voor testing en triage), de herinrichting of opsplitsing van afdelingen (bv. COVID vs. niet-COVID), het transporteren van middelen en het ontsmetten van gebouwen of voertuigen, zijn enkele voorbeelden van mogelijke steun. Indien de behoefte blijkt te gaan om medische zorg, stuurt de D4-NatLogHub deze onmiddellijk door naar de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu voor verdere behandeling.

De D4-NatLogHub kan worden ingeschakeld volgens het subsidiariteitsprincipe. Dit houdt in dat eerst het lokale en het provinciale niveau (blijven) kijken of er oplossingen zijn. Een groot deel van de logistieke organisatie wordt namelijk vaak al via eigen middelen, contacten of lokale actoren (gemeenten, hulpverleningszones, Rode Kruis, …) aangepakt. Als deze geen antwoord meer kunnen bieden, kan op provinciaal niveau de Dir-D4 (of eventueel de noodplanningscoördinator) de aanvraag digitaal overmaken aan de nationale Hub. Vervolgens gaat de Hub na of de capaciteiten van de publieke hulpdiensten – Defensie, Civiele Bescherming, Brandweer, … – hier alsnog aan tegemoet kunnen komen, eventueel na een verkenning ter plaatse of met een herverdeling van de inzet overheen België. Daarnaast kan een beroep worden gedaan op de private sector, of zelfs op buitenlandse bijstand in het kader van het Europees Mechanisme voor Civiele Bescherming of via de NAVO. Het Nationaal Crisiscentrum faciliteert de werking van de Hub met de nodige digitale tools en samenwerkingsmiddelen (bijvoorbeeld voor de frequente videoconferenties) en informatiemanagement (bijvoorbeeld dashboards, sitreps, …).

Intussen werden een twintigtal aanvragen ingediend, die vooral betrekking hadden op steun onder de vorm van bijstand bij onthaal, verzorging, maaltijdbedeling, desinfectie, infrastructuur,  apparatuur en stockbeheer in woonzorgcentra of ziekenhuizen. Daarnaast werkt de Hub ook als overlegforum om specifieke ondersteuningsvormen te coördineren, zoals de decontaminatie van ziekenwagens.

In ruimer perspectief zal de Hub een situatiebeeld van de logistieke behoeften, capaciteiten en respons opstellen en de desbetreffende evoluties monitoren. Zodoende kan deze voor het gehele grondgebied en voor langere perioden anticiperen op de verwachte noden. Op basis hiervan kan waar nodig een logistiek beleid worden ontwikkeld voor de verdere duur van de COVID-19-crisis.